|
De Opkomst van de Nieuwe Koningen |
|
|
Geronsegur
8 mei 2004
Untitled Document
Aantal reacties: 6
|
|
Wanneer
men naar de geschiedenis van de mensheid kijkt, Dan kan men zien dat
de maatschappij voortdurend aan verandering onderhevig is. De ene
periode is stabieler dan de andere, maar verandering is er altijd.
De oude Griekse stadstaten kenden al een directe democratie met een
grote welvaart. Maar zelfs bij hen heeft het plaats moeten maken.
Vervolgens werden zij geregeerd door de Romeinse republiek, gevolgd
door de Romeinse keizers. Na vele koningen kennen zij nu weer een
democratie. En wat voor de Grieken geldt, geldt voor bijna ieder volk
op aarde. De maatschappijmodellen veranderen in de loop van de tijd.
Op 10 juni zijn er Europese verkiezingen. Dat is een mooie datum om
bij stil te staan. Onze Europese democratieën bestaan nu, op
enkele onderbrekingen na, al zo’n 200 jaar. We kennen een grote
mate van stabiliteit en er lijkt geen vuiltje aan de lucht. Deze toestand
is echter zeer zeker geen eeuwig leven beschoren. Deze toestand is
eindig.
Onrust
Hoe stabiel de toestand in een maatschappij werkelijk is, kan alleen
achteraf worden geconstateerd. Het is vrijwel onmogelijk om de mate
van broeiende onrust goed in te schatten. Nog moeilijker is het voor
de zittende macht om die onrust weg te nemen. Zij is immers zo niet
de oorzaak, dan wel de representant van de onrust.
Dat onrust ook kan toeslaan in een welvarende samenleving kan men
de laatste jaren zelfs in eigen land zien. Mensen hebben meer te besteden,
een betere gezondheid en betere voorzieningen als ooit tevoren, maar
er groeit een enorme onzekerheid, angst en intolerantie. Men moet
zich eens voorstellen dat de economie structureel slechter zal gaan
draaien en bijvoorbeeld het terrorisme verder zal toenemen. Op een
gegeven moment zal de onrust een self-fulfilling prophecy worden.
Het zal zichzelf in stand houden of nog verergeren. Dergelijke scenario’s
hebben zich in onze geschiedenis al vele malen voorgedaan. Zij zullen
zich ook blijven voordoen.
Feitelijk is er al een achteruitgang te zien vanaf het eind van de
jaren 80. De Berlijnse Muur was verdwenen en de betrekking tussen
oost en west waren in sneltreinvaart aan het verbeteren. De heer Fukoyama
verkondigde al het eind van de geschiedenis. Er zou nu eeuwige vrede
en welvaart zijn die ook naar andere werelddelen zou overslaan. Op
die utopische gedachte is zelfs Fukoyama teruggekomen. Inmiddels is
de economie in het slop, de gezondheidszorg en het onderwijs zijn
jarenlang uitgehold, mensen voelen zich zeer onveilig en de wereldvrede
is wederom zeer ver weg. Dit zijn de benodigde ingrediënten voor
een sterk groeiende onrust. Hoe langer dit duurt, hoe verder we van
huis zijn.
De
veilige haven
In een tijdperk van grote onrust zoekt men zijn toevlucht bij mensen
waarvan men verwacht dat zij de zaak wél aankunnen. In Nederland
heeft men hier al de eerste tekenen kunnen zien! De opkomst van Pim
fortuyn was geen toevalligheid. Hij was de enige waarin velen hun
vertrouwen wilde leggen. De moord op Fortuyn smoorde zijn opkomst
in de kiem. De onrust is echter eerder toegenomen als afgenomen. Het
is enkel nog wachten op een nieuwe sterke leider die de ongerusten
om zich heen zal verzamelen. Vooral wanneer we kijken naar de problemen
in de wereld om ons heen en naar de nog verder afkalvende welvaartstaat,
kan men niet anders als constateren dat de problemen alleen maar groter
zullen worden.
Een belangrijk kenmerk van maatschappelijke onrust is dat men een
veilige haven zoekt bij instellingen die los staan van de bestaande
machthebbers. Een voorbeeld hiervan is de kerk. Het koningshuis is
echter een nog beter voorbeeld hiervan. In Rusland gaan bijvoorbeeld
zelfs stemmen op voor het herstel van het tsarendom, waarvan men zou
verwachten dat het al lang uit de geesten van de mensen is gespoeld
door 7 decennia communisme. De reden waarom deze veilige havens toch
worden gezocht en gevonden is eenvoudigweg het falen van de huidige
leiders om de groeiende onrust weg te nemen.
De
sterke leider
Een grote mate van onrust en het vinden van veilige havens leidt op
zichzelf niet noodzakelijkerwijs tot machtswisseling. Wanneer er uit
de gelederen van deze veilige havens echter een sterke leidersfiguur
opstaat, dan is men echter al een flinke stap dichterbij een omwenteling.
Een koningshuis en in mindere mate oude gezaghebbende adel zijn de
meest waarschijnlijke plaats waar zo’n leider op kan staan.
Daar bestaat immers een opvoedingstraditie waarin men hun kinderen
laat opgroeien om te leiden. De kerk en multinationals zouden zo’n
figuur theoretisch ook kunnen voortbrengen, maar door de beperkte
scope van hun activiteiten is de kans hierop erg klein.
De sterke leider zal autoriteit moeten uitstralen, een pakkende boodschap
verkondigen en op de juiste momenten de juiste dingen zeggen en doen.
Zo iemand zal een omwenteling kunnen veroorzaken en de verhoudingen
in een land doen verschuiven. Dit hoeft niet noodzakelijkerwijs met
een gewelddadige revolutie gepaard te gaan. Een leider met Machiavellistische
talenten kan dit relatief rustig teweegbrengen. Zolang men het volk
achter zich heeft, kan een goede leider zo’n machtswisseling
op subtiele wijze tot stand brengen, zonder de bestaande maatschappelijke
instituties te beschadigen. Het voordeel hiervan is dat een dergelijke
werkwijze minder weerstand oproept.
De
omwenteling
Zoals gezegd is een koningshuis de meest kansrijke omgeving waarin
een nieuwe leider kan opstaan. In vrijwel alle Europese landen treft
men nog koningshuizen aan of zoals in Duitsland, de adellijke families
die hiervoor in aanmerking kunnen komen. Bovendien heeft Pim Fortuyn
bewezen dat iemand ook schijnbaar uit het niets kan komen en de hoogste
zetel terecht kan pakken.
Men zou kunnen zeggen dat het een slechte zaak is wanneer de democratie
zou verdwijnen. Winston Churchill zei al dat democratie vele nadelen
kent, maar dat er geen beter alternatief is. Is het dus slecht wanneer
de democratie verdwijnt? Neen, niet per se. In feite maakt het niet
uit welke –cratie er heerst. Of het nu een autocratie, een technocratie
of een democratie is, allen hebben zij voor- en nadelen. Het hangt
er enkel van af hoe en door wie zij wordt vormgegeven en in welke
maatschappelijke omstandigheden het wordt gebruikt.
Ik kan zelf niet anders als constateren dat de democratie in Nederland
al zeker 10 jaar lang faalt. Het parlement en de regering behartigen
niet langer de belangen van het volk. Het systeem is dichtgeslibd.
De leiders hebben nauwelijks nog gezag bij het volk. Dit alles vindt
zijn oorzaak niet in economische omstandigheden, immigratie of dreiging
van terrorisme, maar in het falen van de leiders zelf. Zij steken
hun nek niet uit voor hen voor wie zij op hun posten zitten, namelijk
de mensen die hen kiezen. Zij leiden niet. Wanneer er iemand opstaat
die dit wel zal doen, kan onze maatschappij er wel eens heel anders
uit gaan zien. Waarschijnlijk zelfs beter.
Top