Untitled DocumentUntitled Document
Bovengronds
Front
Artikelen
Aanraders

Ondergronds
Over de Afgrond
Contact

Verwante Gronden
Artikelen van
Harry Prenger

 
Onderwerp:
Muziek

 
Commentaar

 

 

 

 

 

 
The Strokes

 

Korte schets van een lopend vuurtje
Harry Prenger
26 juni 2004 Untitled Document

 

Strokes met tweede van rechts Julian Casablancas

Hé, ga eens opzij, daar zijn The Strokes uit New York. Jong, hip, sjofel. En geweldig goed. Is This It. Room On Fire. Twee albums pas en nu al wereldberoemd en gelauwerd.

"By the way, I heard your album. We luisterden ernaar in de studio. Prachtig, al die verschillende gitaarpartijen. Knap lastig zo te spelen. Het klinkt simpel, maar dat is het beslist niet. Ik vind het te gek dat er weer bands zijn die dergelijke muziek maken." Aldus Lou Reed in een ontmoeting met The Strokes.

Zanger-extraordinaire Julian Casablancas schrijft de teksten en de muziek van The Strokes. “I want to be forgotten, and I don’t want to be reminded”, zingt hij ergens op het album Room On Fire. Zou het echt zo erg zijn? Julian is toch de zoon van John Casablancas, baas van het modellenbureau Elite? Rijkeluiszoon loopt met zijn ziel onder de arm? Je moet er van houden, zoals Casablancas junior de wereld tegemoet brult. Aan zijn timbre is het even wennen. Nogal brallerig, met onverhoedse stemverheffing. Wel uit duizenden herkenbaar zoals dat heet. Nog zo’n zin, “The end has no end”, het klinkt als een statement maar wordt door Casablanca’s manier van zingen een lang in je hoofd nazeurende mantra. Gelukkig kan hij terugvallen op zijn maatjes. De overige Strokes ontvouwen de gevoelens van hun voorman in een - als we vrienden van de band tenminste mogen geloven - lang gezocht en toch gevonden eigen geluid. De zoektocht naar dat eigen geluid begon met de oprichting van The Strokes in 1999. Daarna, niet zoals de meeste bandjes gelijk de studio in, nee, eerst oefenen en schaven, oefenen en ploeteren. Het resultaat is er dan ook naar. Rock & roll die tot op het bot is uitgekleed. Rock & roll die nu eens niet appelleert aan garagerock of de bluesvariant, maar verfijnd zijn weg zoekt.

The Strokes maken op het eerste gehoor gitaarsongs waarin ruimte is voor de eenvoud, als basis voor veel moois. De twee gitaristen spinnen een web van fijnbesnaarde lijntjes; uitgangspunt en houvast voor Casablancas’ quasi nonchalante zang met oprispingen. Tekst en muziek zijn op een bijzondere manier aan elkaar gewaagd; water en vuur, een haat-liefde verhouding. Het schuurt, het wringt en het plakt uiteindelijk vanzelfsprekend aaneen.
Zo bijzonder en eigengereid is de muziek dat je bijna vergeet te luisteren naar de teksten. Alle ruimte dus voor hypochonder Casablancas en diens ongegeneerde pijn van het zijn. Ongetwijfeld bedoelt hij telkens het tegenovergestelde van wat we horen. “I never needed anybody, I said I was fine”, klaagt hij. Yeah, right.

The Strokes spelen de songs hypernerveus, in een tempo alsof iets of iemand ze op de hielen zit. Als luisteraar snak je naar adem. Ieder moment kunnen de songs tot uitbarsting komen, maar ze blijven voortdurend strak in het gareel. Wie weet hebben ze ooit geluisterd naar de korteafstand sprintjes van onze eigen Nederbeat recalcitranten The Outsiders.

De ware aard van The Strokesmuziek komt pas na veel luisteren aan de oppervlakte. Pas dan hoor je hoe uniek de melodieën en de vocale disharmonieën feitelijk zijn. Is This It en met name Room On Fire lijken aanvankelijk glansloze albums, maar groeien uit tot platen van driedimensionale proporties. Hoe vaker je het hoort, hoe meer je overtuigd raakt van en verslaafd raakt aan The Strokes. Verdomd, de hype is volkomen terecht!

Noot:
Let op het hoesontwerp van Room On Fire. Oorlog voeren aan de speeltafel in War/Game, een schilderij uit 1961 van de vergeten pop-art schilder Peter Phillips. Achter op de hoes van de lp, Anselm Kiefer’s Deutschlands Geisteshelden. Brandende spookbeelden aan weerszijden van een houten fundering. Ze zijn niet van de straat, The Strokes.

Albums:
Is This It (RCA 2001)
Room On Fire (RCA 2003)

Top