|
De Zware Kots van Wolf Eyes |
|
|
Kortsluiting
in de Amerikaanse underground
Harry Prenger
5 januari 2005
Untitled Document
|
|
 |
Het
moet een jaar of zes geleden zijn dat ik op een doordeweekse dag nietsvermoedend
de lokale platenzaak Psycho binnenloop. Uit de luidsprekers hoor ik
muziek die veel weg heeft van menselijke oprispingen. Grijnzend houdt
de medewerker achter de toonbank de hoes in de lucht, mij op het hart
drukkend deze plaat onmiddellijk aan te schaffen. Ik bekijk de hoes,
de bandnamen en het label. Het is de lp Labyrinths & Jokes verschenen
op het Hanson-label met voor mij op dat moment volstrekt onbekende
namen. Nautical Almanac, Ron Of Japan, Andrew Wilkes-Krier (de latere
parodiemetalfreak Andrew WK), The Mini Systems en The Beast People.
Ze hebben een ding met elkaar gemeen: ze maken een hoop lawaai, ruis
met piepgeluidjes of braken simpelweg surreële noisediarreeën.
Volgens het stencilblaadje in de hoes is het Hanson-label eigendom
van ene Aaron Dilloway. Later kom ik erachter dat hij en Nate Young
The Beast People zijn.
 |
| Labyrinths
& Jokes |
Afgaand
op de fluimen van The Beast People, wordt Labyrinths & Jokes door
frequente intimi van de platenzaak tot De Kotsplaat bestempeld. De
Kotsplaat ligt als verzoeknummer nog vaak op de draaitafel. Argeloze
bezoekers kijken raar op van de scabreuze wanklanken, sommigen raken
zo gefascineerd dat ze de lp spontaan aanschaffen. Ze zijn er nog,
mensen op zoek naar het onbekende in de muziek met een zwak voor het
ondraaglijke.
 |
| Dread |
Het
door Aaron Dilloway van The Beast People opgerichte Wolf Eyes bestaat
al sinds 1996. Kort daarna wordt Wolf Eyes uitgebreid met Nate Young
en beeldend kunstenaar John Olson. De eerste releases verschijnen
op cassette in door Olson zelfgemaakte hoesjes via diens label American
Tapes. Wolf Eyes deelt in 1999 een zogenaamde split-lp met het bevriende
Nautical Almanac. Terwijl dit duo voor absurdistische elektronica
kiest, zoekt Wolf Eyes het op de keerzijde in uiteenscheurende, analoog
klinkend elektronisch experiment.
Interessanter echter is het debuut Dread. Daarop onder meer het paranoïde
Half Animal Half Insane, dat herinnert aan de elektronica uit de jaren
zestig van Tod Dockstader en Dick Raaijmakers.
 |
| Dead
Hills |
Maar
het wordt nog interessanter, zoals de lp Dead Hills bewijst. Op deze
picture disc jaagt Wolf Eyes de luisteraar de stuipen op het lijf.
Momenten van kalmte worden afgewisseld met uitgekiende doses hels
lawaai. Wolf Eyes tiert en bonkt, met sterk ondermijnende vervormde
brulzang. De muziek is hermetisch dankzij een aaneengesloten circuit
van effectapparatuur, zelfgeknutselde instrumenten, aftandse versterkers,
keyboards en rommelmarktprullen. Logisch dat er kortsluiting ontstaat.
Een vergelijking met Throbbing Gristle, SPK en Whitehouse ligt voor
de hand. Waar de jaren tachtig industriëlen subversie en provocatie
predikten, blaast Wolf Eyes een hernieuwd elan in de do it yourself-esthetiek.
De manier waarop Wolf Eyes naar buiten treedt, techniek en mogelijkheden
onderzoekt van tweedehands instrumenten, een eigen cassette- en platenlabel
runt, primitief ogende concertaffiches en artwork voor de albumhoezen
maakt; het herinnert onherroepelijk aan de hoogtijdagen van het punktijdperk.
Dit heeft ook zijn weerslag op de muziek. Elk album van Wolf Eyes
is een vingeroefening voor het daaropvolgende werk.
 |
 |
| The
Beast |
Burned
Mind |
Het
intussen tot cultfavoriet uitgegroeide Wolf Eyes ziet in Smegma -
pioniers van dadaïstisch knip- en plakwerk - geestverwanten,
waartoe ook de jonge elektronicasurrealisten Black Dice behoren. De
samenwerking met deze bands leidt weliswaar tot ietwat non-descripte
live- en studio-improvisaties, maar het visitekaartje is luid en duidelijk.
Op voorspraak van Clint Simonson van het Amerikaanse platenlabel De
Stijl mag Wolf Eyes voor het beroemde Sub Pop (waarop ooit Nirvana
debuteerde) een twelve inch plaat uitbrengen als voorbode voor een
volwaardige cd. De cd Burned Mind bezorgt Wolf Eyes meer bekendheid
en eindigt zelfs in menig scribentenjaarlijstje. Opvallend, temeer
omdat de brute noise niet had misstaan op een cd van de Japanse geluidskunstenaar
Merzbow. En hoe vaak kom je Merzbow tegen in persoonlijke lijstjes?
Burned Mind is je reinste horror. Alsof je midden in The Texas Chainsaw
Massacre zit, omringd door kettingzagen, drilboren en pneumatische
hamers. Meer noise dus, krachtdadig en zelfverzekerd gespeeld. De
groep noemt Burned Mind terecht zijn meest “fucked up”
album tot nu toe.
De overigens nogal bescheiden opvolger laat niet lang op zich wachten.
Lost Sockets is
een plak vinyl op een formaat dat ook wel ten inch genoemd wordt (groter
dan de single, kleiner dan de lp). De plaat bevat twee lange stukken
die in vergelijking met het geweld van Burned Mind opvallend ingetogen
zijn. Maar de naam Wolf Eyes is definitief gevestigd. De eigen uitgaven
op cassette zijn uiterst zeldzaam, stijgen snel in waarde, terwijl
de vinyluitgaven steevast uitverkocht raken.
Van John Olson verschijnt eind 2004 een lp met uiterst geraffineerde
elektronica, min of meer als tegenvariant op de Wolf Eyes-huisstijl.
Dead Machines heet zijn nevenproject dat hij deelt met zijn echtgenote
Tovah Olson-O’Rourke van avantgarde-folkband Wooden Wand And
the Vanishing Voice. Lange leve de Amerikaanse underground.
Wolf
Eyes selectieve discografie:
Wolf Eyes & Nautical Almanac (Hanson) LP 1999
Dread (Hanson) LP 2001
Slicer (Hanson) CD 2002
Fuck Pete Larsen (Wabana) CD 2002
Dead Hills (Troubleman Unlimited) picture disc LP 2002
The Beast (met Smegma) (De Stijl) LP 2004
Together Finally (met Black Dice) (Fusetron) LP 2004
Live San Diego (met John Wiese) (American Tapes) single 2004
Stabbed In The Face (Sub Pop) 12” 2004
Burned Mind (Sub Pop) CD 2004
Lost Sockets (CIP) 10” 2004
Dead
Machines:
Human Brain Wasting Syndrome (Ecstatic Peace) LP 2004
Top