|
|
|
|
Harry
Prenger
7 januari 2004
Untitled Document
|
|
Oh Kylie, twaalf maanden lang hield je mij gezelschap.
Elke maand toen ik je nodig had was je er. Nooit liet je mij in de
steek en nimmer raakte ik op je uitgekeken. Een blik naar jou vanaf
mijn hoofdkussen was voldoende om mij in een zoete slaap te doen sussen.
Oh Kylie, jij verschafte mij zoveel en je hoefde er zo weinig voor
te doen. Ik klaarde het klusje en ik deed het met plezier. Jouw aanwezigheid
op mijn slaapkamer was in alle opzichten het ultieme genot. Soms had
ik het gevoel dat je naar me knipoogde. Twaalf maanden leken eindeloos
en toch gingen ze in een zucht voorbij. Vergeten zal ik je nooit.
Jij was mijn rotsje in de branding, mijn lichtje in de duisternis,
tussenstopje en eindpuntje van mijn tunnel. Hee, Kylie! Sjattepoemelke
van me. Ik zie je.
Top
|