|
Over verbleekte kleuren
Monica Dols
30 juli 2007
Untitled Document
Aantal reacties: 1
|
|
Jij zat in mijn hoofd. Elke dag, de hele dag. Je liep door mijn hoofd en vertelde me verhalen. Mooie verhalen. Van hoe je door mijn hoofd liep en hoe je mijn gedachten verkende. Hoe je langs mijn hart wandelde en je handen heel zachtjes erop legde. Je voelde met je vingertoppen aan mijn hart. En ik voelde je warmte. Ik voelde hoe je me pimpelpaars kleurde. De opwinding, de spanning, die je me bracht met elke letter.
Je was zo mooi. Ik zag je in de kleuren van de liefde. Ik zag je in de kleuren van de haat. En je was zo ontzettend mooi.

Hoe kon ik weten dat je alleen maar kleuren straalde? Dat je zwart was van binnen. Met helemaal in het midden een stipje wit. Wit van ijs. Ijs koud.
Je schreeuwde. Je gilde me toe dat ik moest kleuren. Dat ik anders niet zou leven. Maar wie van ons twee is er eigenlijk dood?
Kleuren doe je niet met haat. Geen stekelige opmerkingen. Geen beledigingen die kwetsen om te kwetsen. Kleuren doe je met alles wat je in je hebt. Met elke vezel. Met dat alles, dat grote alles.

En ik zag dat je dat niet kon. Ik zag het in je ogen. En jij zag dat ik het zag. Je raakte in paniek. Je riep in het wilde weg dat het aan mij lag. Je was een tovenaar die de heks beschuldigde. En het hele leven draait om jou. Denk je.
Maar intussen kleur je door. Je kleurt in woorden. Nu bij anderen. Anderen die misschien geloven dat je kleuren wasecht zijn en nooit vervagen.
Anderen die zich laten misleiden door al je kleurenpracht. Als een pauw.
Wanneer ga je geloven in jezelf? Wanneer ga je echt, echt geloven in jezelf?

Want vanaf dan zullen al die kleuren van je afvallen als een overbodige schil. Dan pas zul je langzaam dat witte puntje kunnen laten smelten. Het zwart zal verbleken en er zal zich heel langzaam een mooie regenboog ontwikkelen.
Ik kan het je niet laten zien. Daar ben ik niet sterk genoeg voor.
Ik ben maar oranje.
Top